Een scheiding of beëindiging van een geregistreerd partnerschap heeft grote gevolgen, ook voor uw pensioen. Uw ex-partner heeft namelijk recht op de helft van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen en het tot de scheidingsdatum opgebouwde nabestaandenpensioen. Uw ouderdomspensioen wordt dus lager. Krijgt u een nieuwe partner, dan heeft hij/zij alleen recht op het nabestaandenpensioen dat is opgebouwd over de periode vanaf de scheiding. Als u overlijdt krijgt de nieuwe partner dus een lager nabestaandenpensioen.

Ouderdomspensioen
Wordt de scheiding binnen twee jaar gemeld aan de pensioenuitvoerder, dan krijgt de ex-partner zijn/haar pensioendeel rechtstreeks door Bpf AVH uitbetaald en wel vanaf de datum dat u met pensioen gaat. Wordt de scheiding pas na twee jaar gemeld, dan moet uw ex het aandeel zelf bij u opeisen. Het is dus belangrijk de scheiding tijdig te melden bij Bpf AVH.
Een formulier daarvoor kunt u downloaden via www.postbus 51.nl/familie, jeugd en gezin.

Het deel van het ouderdomspensioen dat aan de ex wordt toebedeeld, wordt uitgekeerd zolang u beide in leven bent. Na overlijden van de ex-partner, krijgt u weer het volledige pensioen. Als u eerder overlijdt dan uw ex-partner stopt de uitkering. Uw ex krijgt dan nog wel een bijzonder partnerpensioen.

Partnerpensioen
De ex-partner heeft recht op het nabestaandenpensioen dat is opgebouwd tot aan de scheidingsdatum. We noemen dat een bijzonder nabestaandenpensioen. De ex-partner krijgt dan een nabestaandenpensioen als u overlijdt. Hertrouwt u, dan wordt het nabestaandenpensioen voor uw nieuwe partner verminderd met het bijzonder nabestaandenpensioen voor uw ex. De nieuwe partner krijgt dan dus een lagere uitkering.

Deelnemers jonger dan 21 jaar zijn bij Bpf AVH op risicobasis verzekerd voor het nabestaandenpensioen. Een eventuele ex-partner heeft dan geen aanspraak op bijzonder nabestaandenpensioen.